print logo

Standpunten Passend Onderwijs Oudervereniging Balans

Hoe is het eerste jaar passend onderwijs verlopen?

De invoering Passend Onderwijs heeft geleid tot veranderingen die met name voor ouders van kinderen met een ontwikkelingsstoornis in leren en/of gedrag en de kinderen zelf soms meer, en soms minder ingrijpend is geweest. 

Balans merkte de gevolgen van de invoering van het passend onderwijs pas echt goed aan het aantal vragen over passend onderwijs in de zomer van 2014, maar met name ook het daaropvolgende kwartaal, fors toenam. In 2014 hadden veel vragen betrekking op de gevolgen van de invoering van passend onderwijs, de strekking van de zorgplicht en de verwachtingen die ouders van een school mogen hebben en problemen rondom de communicatie.

De vragen verschuiven zich vervolgens richting het ontbreken van voldoende ondersteuning, onvoldoende bekendheid met bepaalde stoornissen of beperkingen, het ontbreken van een dekkend ondersteuningsaanbod bij bepaalde samenwerkingsverbanden zoals bijvoorbeeld ondersteuning voor hoogbegaafde leerlingen, of scholen die geen signaleringsfunctie op zich willen nemen zoals bijvoorbeeld bij dyslexie.

Daarnaast komen er eind 2014, begin 2015 in verband met het naderend examen meer vragen binnen over de rekentoets en de inzet van dyslexiemiddelen.

In 2015 houden de vragen verband met de overgang van PO naar VO en vooral ook met de combinatie van zorg en onderwijs. De verbinding tussen deze domeinen is nog steeds onvoldoende. De mogelijkheden voor leerlingenvervoer zijn niet altijd goed afgestemd op de beperkingen in de toelating door scholen, meningsverschillen over de aard van gedragsproblemen. Daarnaast blijven er meldingen komen over thuiszitters. Scholen en de leerkrachten zijn bij gedragsproblemen meer dan eens handelingsverlegen, met name bij ASS.

Ook zijn er veel signalen over scholen die de inzichten van de behandelaar niet in hun vaststelling van de ondersteuningsbehoefte betrekken.

 

2. Wat zijn de knelpunten in het eerste schooljaar passend onderwijs en wat verloopt goed?

Ouders geven structureel aan dat er geen werkelijke keuzevrijheid is in het onderwijs. In Amsterdam bepaalt de computer waar je kind naar toe gaat, en in de rest van het land worden ouders geregeerd door het beperkte ondersteuningsaanbod. Wij signaleren dat er sprake is van een toenemende afhankelijkheid van wat scholen doen, welke ondersteuning zij bieden, en wat het samenwerkingsverband doet.

Daarnaast blijkt dat scholen ook nog eens zeer verschillende opvattingen hebben over de wijze waarop ze vorm en invulling aan het passend onderwijs kunnen en willen geven. Het is voor ouders vaak ook niet duidelijk welke expertise de school heeft, of en hoe ze daar invulling aangeven.

Wij durven te stellen dat scholen nog steeds erg intern gericht zijn en dat ouders onvoldoende worden gezien als volwaardige samenwerkingspartners. Dit geldt overigens niet alleen voor ouders maar ook voor andere professionals uit bijvoorbeeld de zorg.

Een breed gedragen visie op passend onderwijs lijkt te ontbreken. Er is onvoldoende duidelijk bij scholen hoe vorm moet worden gegeven aan het passend onderwijs, leerkrachten worden onvoldoende geïnspireerd en geleid om op een lerende manier vorm te geven aan passend onderwijs te gaan ontwikkelen.

Opgemerkt moet worden dat het ook ouders ontbreekt aan kennis over het instemmings- en adviesrecht dat zij hebben waardoor leerkrachten het primaat hebben over beslissingen omtrent de besteding van gelden en ambulante begeleiding.

Toch kunnen we over het afgelopen jaar constateren dat ook veel scholen,samenwerkingsverbanden en gemeenten zich heel bereidwillig hebben opgesteld om kinderen en ouders zo goed mogelijk te ondersteunen. De communicatie over passend onderwijs is goed op gang gekomen en er is meer duidelijkheid gekomen waar en bij wie je terecht kunt als je er als school, ouders en/of samenwerkingsverband niet samen uit komt.


3. Wat is de stand van zaken met betrekking tot de organisatie van de samenwerkingsverbanden?

Balans heeft signalen ontvangen dat samenwerkingsverbanden ouders niet kunnen of willen helpen, of dat het beleid ontbreekt om te voorzien in een specifieke ondersteuningsbehoefte. De verantwoordelijkheid wordt nogal eens teruggeschoven naar de school, op momenten dat de school aangeeft niet meer te kunnen bijdragen aan een passende oplossing.

Ook zijn er signalen binnengekomen waarbij juist samenwerkingsverbanden een oplossing bieden, en de scholen communiceren dat er geen ondersteuning geboden kan worden. Bij het ontbreken van ondersteuning binnen een samenwerkingsverband moet een school buiten de regio van het samenwerkingsverband een passende plek bieden, met het gevolg: vaak plaatsing op een wachtlijst en geen leerlingenvervoer.

Samenwerkingsverbanden geven daarnaast aan over onvoldoende middelen te beschikken. Het is nog onduidelijke wat de gemeente moet financieren en wat de school: wat is zorg, wat is onderwijs? Wie heeft de lead in de afstemming tussen zorg en onderwijs? Er kan nog zo veel geld worden gestoken in een kind met autisme, maar als ouders zelf een beperking hebben om structuur aan te brengen en bijvoorbeeld financiële problemen hebben dan is een alleen kindgerichte oplossing onvoldoende. De oplossing moet soms breder gezocht worden. Dit vereist afstemming, communicatie en het maken van keuzes.

4. Wat is de stand van zaken met betrekking tot administratieve lasten?

De administratieve lasten verschillen naar het inzicht van Balans sterk per school/samenwerkingsverband. Onbekendheid met regels en verantwoordelijkheden speelt een grote rol. Naarmate de ondersteuningsvraag groter is, en de problematiek waarvoor een school ondersteuning biedt, complexer is dreigen de administratieve lasten op te lopen.

Balans merkt dat leerkrachten die vastlopen met leerlingen, hebben moeite met het formuleren van de zorgvraag voor bijvoorbeeld een Zorg Advies Team.

De leerkracht zou systematischer informatie moeten gaan verzamelen waardoor op automatisch inzicht wordt verkregen in het probleem. Het is van belang dat leerkrachten bij het formuleren van de zorgvraag en het verzamelen van informatie betere ondersteuning krijgen. De taakbelasting van de leerkracht is al bijzonder groot, goede ondersteuning bij systematisch vastleggen van gegevens omtrent de ondersteuningsbehoefte en zorgvraag zorgt ervoor dat de leerkracht tijd krijgt voor zelfreflectie en kennisontwikkeling, wat nu juist voor de ontwikkeling en kwaliteit van het passend onderwijs zo belangrijk is.

 

5. Welke knelpunten zijn er in de financiering van expertise en begeleiding?

Balans heeft vanuit samenwerkingsverbanden signalen ontvangen dat zij over onvoldoende middelen te beschikken. Soms heeft dit betrekking op zware ondersteuning die geboden moet worden, soms ook op de inzet van dyslexiehulpmiddelen.

Wij horen van ouders ook dat er scholen zelf soms weigeren extra begeleiding of middelen te financieren.

Waar kinderen met een beperking voorheen een rugzakje kregen, geoormerkt door een budget voor de leerling zelf, vindt de verdeling van het budget nu op een hoger aggregatieniveau plaats waardoor het voor ouders niet inzichtelijk waar gelden naar toe gaan. Nota bene, als scholen het niet redden om een onderwijsarrangement te bekostigen wordt er meer dan eens een verzoek gericht tot de ouders om het PGB in te zetten ten gunste van ondersteuning op school. Eenmaal uitgegeven is uitgegeven: ouders kunnen hierdoor de zorg thuis soms niet meer financieren, terwijl het PGB ook nog eens door de school wordt ingezet ten behoeve van alle kinderen.

Scholen zijn niet transparant: het is momenteel volstrekt onduidelijk waar welke gelden aan worden besteedt.

6. Waarom zijn er nog steeds veel thuiszitters en hoe kan iedere leerling een passend plek in het onderwijs krijgen?

Zoals reeds eerder aangehaald, een groot aantal thuiszitters heeft te maken met ernstige gedragsproblemen. Scholen en leerkrachten zijn handelingsverlegen. Het is van belang dat zij beter worden toegerust om deze leerlingen te ondersteunen.

Bovendien is er te weinig variatie mogelijk binnen het onderwijs. Gegeven de ernst en complexiteit van de problemen waar sommige kinderen mee te maken hebben is het gewoonweg niet mogelijk om voor al deze kinderen een plek binnen het regulier onderwijs te vinden.

Als je naar de supermarkt gaat kun je kiezen uit 20 pakjes yoghurt, maar wil je iets voor je kind qua onderwijs, dan kun je niet kiezen: er is geen variabel pakket. Blijkbaar zijn we niet bereid dit aan onderwijs uit te geven.

 

7. Welke veranderingen zijn er in het nieuwe schooljaar nodig?

Wij zijn blij dat er aandacht is voor de kwaliteit van de individuele leerkracht. Wij juichen toe dat de leraar zijn expertise op peil moet houden.

Wel moet er een betere verbinding komen tussen scholen, zorgprofessionals, samenwerkingsverbanden en ouders. Samenwerken en communicatie zijn, naast vergroting van handelingsvaardigheden, hier de kern waar we harder aan moeten gaan werken om kinderen met een stoornis in leren en/of gedrag optimale ontwikkelingskansen te bieden.

Het valt ons bovendien op dat scholen zijn nog te veel op zichzelf gericht. Ze maken te weinig gebruik van de ervaringskennis die bij de ouder-, patiënten-, cliënten- en familieorganisaties aanwezig is.

 

Ledenadministratie

(030) 225 50 50

Open: ma-vr 9.00-17.00 uur

Contact met Balans

Telefoon & adres

(030) 225 50 50

Weltevreden 4a
3731 AL De Bilt

Contact met Balans

twitter | facebook
Copyright 2017 Balans Digitaal  | Disclaimer